Methode
Onze methode: zo beoordelen wij het bewijs
De grootste kwaliteitskloof in Nederlandse informatie over natuurlijke diergeneeskunde is dat vrijwel niemand zegt hoe sterk het bewijs is — laat staan dat iemand eerlijk «hier is geen bewijs voor» durft op te schrijven. Wij wel, bij elk onderwerp. Dit is hoe.
Wij beoordelen de hele body of evidence, niet één studie
Eén positieve studie bewijst weinig. Wij wegen het geheel van het beschikbare onderzoek bij de doeldiersoort (systematische reviews, meta-analyses, RCT's) en vertalen dat naar een bewijsoordeel. Preklinisch onderzoek (cellen, proefdiermodellen) en extrapolatie van mens naar dier tellen expliciet níet als bewijs van werking bij jouw hond, kat, knaagdier of paard.
De bewijsniveaus
- Sterk bewijs
Meerdere goede studies bij de doeldiersoort (systematische review/meta-analyse of consistente RCT’s) wijzen dezelfde kant op. We zijn vrij zeker over het effect.
- Redelijk bewijs
Eén of enkele degelijke studies bij de doeldiersoort, maar nog beperkt of niet onafhankelijk herhaald. Verder onderzoek kan de conclusie bijstellen.
- Zwak bewijs
Alleen kleine, ongecontroleerde of indirecte studies (bv. proefdiermodel of extrapolatie van mens). Onzeker; behandel claims met voorzichtigheid.
- Zeer zwak / anekdotisch
Vrijwel uitsluitend ervaringsverhalen, tradities of in-vitro-werk. Geen betrouwbare basis voor werking bij het dier.
- Onvoldoende onderzocht
Er is te weinig of te zwak onderzoek bij de doeldiersoort om een uitspraak te doen. Niet bewezen werkzaam én niet weerlegd.
- Geen bewijs van werking
Het beschikbare onderzoek laat geen betrouwbaar effect boven placebo zien, of een werkzaam mechanisme ontbreekt. Niet aan te raden als behandeling.
«Geen bewijs» is ook een antwoord
Sommige populaire behandelvormen — bijvoorbeeld homeopathie — zijn uitgebreid onderzocht en laten geen betrouwbaar effect boven placebo zien. Dat verzwijgen we niet om niemand te plezieren. Een eerlijk «geen bewijs» beschermt dieren beter dan een vaag «het kan geen kwaad».
Onze bronhiërarchie
Betrouwbaarheid staat of valt met bronnen. De gouden regel: nooit verzinnen — geen bron, DOI, cijfer of citaat dat niet verifieerbaar bestaat en daadwerkelijk is geraadpleegd. We wegen bronnen van sterk naar zwak:
- Systematische reviews en meta-analyses bij de doeldiersoort.
- Gerandomiseerde, gecontroleerde trials (RCT's) bij de doeldiersoort.
- Cohort- en observationeel onderzoek bij de doeldiersoort.
- Case-series en case reports — vooral relevant voor veiligheid en toxicologie.
- Gezaghebbende naslagwerken en richtlijnen (Merck Veterinary Manual, EMA, NVWA, universitaire centra).
- Narratieve reviews en expertopinie.
- In-vitro-werk en proefdiermodellen — ondersteunend, maar geen bewijs van werking bij het doeldier.
Mens→dier- en soort→soort-extrapolatie benoemen we altijd als zodanig, nooit als direct bewijs. Webshops, merksites, fabrikantclaims, testimonials, fora en «studies» zonder vindbare publicatie gebruiken we niet als bron. Heeft een bron een belang (bijvoorbeeld een homeopathie-organisatie), dan markeren we dat zichtbaar in de bronnenlijst.
Wat je van ons mag verwachten
- Nooit «geneest» of «lost op» — wel een eerlijk onderscheid tussen ondersteuning en genezing.
- Wij tonen óók negatieve en mislukte trials die commerciële sites verzwijgen.
- Elk onderwerp is gekoppeld aan primaire bronnen met DOI en studietype.
- Elke YMYL-pagina is gecontroleerd door een named dierenarts, met zichtbare datum.
- Veiligheid eerst: «natuurlijk» ≠ veilig, en wat veilig is voor de ene soort kan giftig zijn voor de andere.
- Bronnen worden bij elke review op werkende links gecontroleerd; dode links vervangen we of archiveren we met vermelding.
Onze gradering is geïnspireerd op GRADE (gradeworkinggroup.org) en de plain-language-aanpak van Cochrane. Vragen of een fout gezien? Meld het ons — correcties verwerken we zichtbaar. Zie ook de kennisbank voor de onderwerpen zelf.